20 mei - Pinksteren

Bentlage 6
B - JAAR

Alle lezingen van

PINKSTEREN





Eerste lezing:  Uit de Handelingen van de Apostelen. 2,1-11

Toen de dag van Pinksteren aanbrak,
waren allen bijeen op dezelfde plaats.
Plotseling kwam uit de hemel
een gedruis alsof er een hevige wind opstak
en heel het huis waar zij gezeten waren, was er vol van.
Er verscheen hun iets dat op vuur geleek
en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette.
Zij werden allen vervuld van de heilige Geest
en zij begonnen te spreken in vreemde talen,
naargelang de Geest hun te vertolken gaf.
Nu woonden er in Jeruzalem Joden,
vrome mannen,
die afkomstig waren uit alle volkeren onder de hemel.
Toen dat geluid ontstond, liepen die te hoop
en tot hun verbazing
hoorde iedereen hen spreken in zijn taal.
Zij waren buiten zichzelf en zeiden vol verwondering:
“Maar zijn al die daar spreken dan geen Galileeërs?
Hoe komt het dan
dat ieder van ons hen hoort spreken
in zijn eigen moedertaal?
Parten, Meden en Elamieten,
bewoners van Mesopotamië, van Judea en Kappadocië,
van Pontus en Asia,
van Frygië en Pamfylië,
Egypte en het gebied van Libië bij Cyrene,
de Romeinen die hier verblijven,
Joden zowel als proselieten,
Kretenzen en Arabieren,
wij horen hen in onze eigen taal spreken van Gods grote daden.”

Tweede lezing:

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte. 12,3b-7.12-13

Broeders en zusters,

niemand die zegt:
“Jezus is vervloekt”
staat onder invloed van de geest van God;
en niemand kan zeggen: “Jezus is de Heer”
tenzij door de heilige Geest.
Er zijn verschillende gaven,
maar slechts één Geest.
Er zijn vele vormen van dienstverlening,
maar slechts één Heer.
Er zijn allerlei soorten werk,
maar er is slechts één God,
die alles in allen tot stand brengt.
Maar aan ieder van ons wordt de openbaring van de Geest
meegedeeld tot welzijn van allen.
Het menselijk lichaam vormt met zijn vele ledematen één geheel;
alle ledematen, hoe vele ook, maken te zamen één lichaam uit.
Zo is het ook met de Christus.
Wij allen, Joden en Grieken, slaven en vrijen,
zijn immers in de kracht van één en dezelfde Geest
door de doop één enkel lichaam geworden
en allen werden wij gedrenkt met één Geest.

Evangelie:

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes.
Lof zij U, Christus. 20, 19-23

In de avond van de eerste dag van de week,
toen de deuren van de verblijfplaats
der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden,
kwam Jezus binnen,
ging in hun midden staan en zei:
“Vrede zij u.”
Na dit gezegd te hebben,
toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde.
De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen.
Nogmaals zei Jezus tot hen:
“Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u.”
Na deze worden blies Hij over hen en zei:
“Ontvangt de heilige Geest.
Als gij iemand zonden vergeeft, dan zijn ze vergeven,
en als gij ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.”

Afdrukken E-mail