21 januari - 3de Zondag door het jaar B

Bentlage 6

B - JAAR

Alle lezingen van de

3de Zondag door het jaar





Eerste lezing: 
Uit de profeet Jona 3,1-5.10

Het woord des HEREN werd gericht tot Jona:
“Begeef u op weg naar Nineve, de grote stad,
en verkondig haar de boodschap die Ik u zal ingeven.”
En Jona begaf zich op weg naar Nineve
zoals de HEER hem bevolen had.
Nineve nu was een geweldig grote stad,
wel drie dagreizen groot.
En Jona begon de stad binnen te trekken, een dagreis ver
en hij preekte als volgt:
“Nog veertig dagen en Nineve zal vergaan!”
De mensen van Nineve geloofden het woord van God;
ze riepen een vasten af
en van groot tot klein deden allen het boetekleed aan.
En God zag wat ze deden
en hoe ze zich van hun slecht gedrag bekeerden.
En Hij kreeg spijt dat Hij hun met de ondergang gedreigd had
en Hij voerde zijn dreiging niet uit.

Tweede lezing: Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte 7,29-31

Broeders en zusters,

De tijd is kort geworden.
Laten daarom zij die een vrouw hebben
zijn als hadden zij ze niet;
zij die wenen als weenden zij niet;
zij die zich verheugen als waren zij niet verheugd;
zij die kopen als werden zij geen eigenaar.
Kortom zij die met het aardse omgaan moeten er niet in opgaan;
want de wereld die wij zien gaat voorbij.

Evangelie: Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus 1,14-20

Nadat Johannes was gevangen genomen
ging Jezus naar Galilea
en verkondigde er Gods Blijde Boodschap.
Hij zei:
“De tijd is vervuld en het Rijk Gods is nabij;
bekeert u en gelooft in de Blijde Boodschap.”
Toen Jezus eens langs het meer van Galilea liep
zag Hij Simon en de broer van Simon, Andreas,
terwijl zij bezig waren het net uit te werpen in het meer;
zij waren namelijk vissers.
Jezus sprak tot hen:
“Komt, volgt Mij;
Ik zal maken dat gij vissers van mensen wordt.”
Terstond lieten zij hun netten in de steek en volgden Hem.
Iets verder gaande zag Hij Jakobus, de zoon van Zebedeüs,
en diens broer Johannes;
ook zij waren in de boot bezig met hun netten klaar te maken.
Onmiddellijk riep Hij hen.
Zij lieten hun vader Zebedeüs
met de dagloners in de boot achter en volgden Hem.

Afdrukken E-mail