Weekwoord van de rector 2018

3 juni 2018 - Eucharistie VI

Eucharistie VI

Het is altijd hetzelfde

Deze opmerking hoort men vaak als een argument om niet naar de H. Mis te gaan. Inderdaad, de H. Mis is altijd hetzelfde, maar tegelijk is iedere H. Mis oorspronkelijk en nieuw.

Het is goed dat er een vaste indeling is in de viering.

I OPENING

We vangen aan met de intocht, met het kruisteken, met een woord van welkom en aanduiding van de ‘inhoud’ en met de schuldbelijdenis, het Kyrie en het Gloria en het eigen gebed van de dag. In de Advent, in de vastentijd en in de normale weekse vieringen is er geen Gloria. Deze onderdelen zorgen er voor dat we ons thuis weten bij God en dat we beseffen dat we met elkaar de Familie van God zijn.
Een vast ritueel helpt om dit vlug te bereiken. Het zorgt eveneens voor verdieping.
Bewust samen zijn voor het aanschijn van God.

II DE DIENST VAN HET WOORD

Nu zijn we ingesteld om naar God te luisteren. Hij spreekt allereerst tot ons door een lezing uit het Oude Testament. Wanneer we goed luisteren horen we de hoofdgedachte die de viering draagt. Na de eerste lezing antwoorden wij op het Woord van God met het bidden van een Psalm. Het is een biddend opnemen van Gods Woord met onze vragen en belevenissen. Hierna komt een lezing uit het Nieuwe Testament, maar niet uit de Evangelieën. Uit de handelingen van de Apostelen of uit de brieven van de Apostelen. Daarin horen we hoe de jonge Kerk is omgegaan met de hoofdgedachte uit de viering. Met het zingen van een vers, dat altijd, behalve in de Vasten, het Alleluia bevat kondigen we plechtig het Evangelie aan, het hoogtepunt in dit onderdeel van de H. Mis. Jezus zelf spreekt tot ons in het Evangelie. We gaan uit eerbied voor Hem staan. Hierna volgt de preek, de geloofsbelijdenis en de voorbeden.

III DE DIENST VAN HET ALTAAR

Deze vangt aan met de offerande. Van in het begin is duidelijk dat we nu het kruisoffer gaan gedenken (dit woord gedenken heeft hier de betekenis van opnieuw tegenwoordig stellen). Het Sterven en de Verrijzenis van de Heer staan centraal. Het altaar brengen we in gereedheid. Brood en wijn bestemmen we met gebeden en eerbetoon door de wierook voor het vieren van het Eucharistisch offer in opdracht van de Heer. De gelovigen sluiten er zich bij aan in de collecte. Met Christus geven wij van ons leven. Na het offerandegebed richten we ons op het Grote Dankgebed. De Prefatie, altijd eigen aan iedere tijd, het Eucharistisch gebed, waar een ruime keuze mogelijkheid in is, maar waarin altijd de woorden centraal staan die Jezus sprak over het brood en over de wijn. Altijd sluit het Grote Dankgebed af met: Door Hem... met Hem en in Hem... Hierna volgt de voorbereiding op de Communie met het Onze Vader, het Lam Gods, de directe voorbereiding met de woorden: Heer ik ben niet waardig... Dan ontvangen we de communie.

IV SLOT VAN DE H. MIS

Dit bestaat uit het slotgebed en uit de heenzending met de Zegen.
Hierbij moet ik zeggen dat ik maar heel summier ben ingegaan op de zang en de muziek. Het is een heel belangrijk onderdeel. Het draagt alles, het geeft alles diepgang. De Kerkmuziek geeft op een oorspronkelijke manier vorm aan het tegenwoordig komen van God, draagt er in een grote mate aan bij dat wij ons hart en onze ziel voor Hem kunnen openen en kunnen ontvangen.
Altijd hetzelfde en iedere keer nieuw. Juist omdat wij als kerkgangers altijd weer in een andere situatie ter kerke gaan. Alles draait om niet mee MOETEN vieren, maar mee WILLEN vieren. Wachten we vanaf het begin op het einde of stellen ons open voor God. Je openstellen is makkelijker voor mensen die gewoon zijn te bidden, stil te staan bij het verloop van het leven.

Afdrukken E-mail